30-09-07

Sporten zonder blessures

mountainbikenSporten is gezond, daar bestaat geen twijfel over. Maar wie er onvoldoende voorbereid aan begint of niet over het ideale materiaal beschikt, loopt het risico op ernstige blessures. Welke sporten zijn geschikt voor u? Waarop moet u letten bij de aankoop van uw materiaal en kleding? Hoe voorkomt u de meest courante blessures? En waarom zegt u bij een blessure niet SMILE, maar ICE?

Wie een inspanning levert zonder een aangepaste opwarming zondigt niet alleen tegen een van de basisprincipes van het gezond sporten, maar ook van het gezond verstand. Een goede opwarming voorkomt niet alleen letsels, maar verbetert ook de prestaties. Actief bewegen van de belangrijkste spiergroepen van het lichaam tijdens de opwarming verhoogt de lichaamstemperatuur. Daardoor neemt ook de doorbloeding van de spieren toe, wat hun elasticiteit ten goede komt. Zachtjes lopen, huppelen, touwtje springen, fietsen op een hometrainer,... het zijn maar enkele van de mogelijkheden. En die moet u zeker een tiental minuten volhouden. Een opwarming moet geleidelijk aan gebeuren, maar wel zo dat de spiertemperatuur toeneemt en zonder dat vermoeidheid optreedt of de energiereserves worden aangesproken.

Na deze eerste fase van de opwarming kunnen eventueel een aantal stretch- of rekoefeningen aan bod komen om de lenigheid te bevorderen. Bovendien zijn spieren die gerokken zijn, minder gespannen wat de doorbloeding en zuurstofvoorziening ten goede komt. Statisch rekken van de spieren gedurende 8 tot 15 seconden is voldoende om dit effect te bereiken. Stretch echter nooit zonder eerst op te warmen. En tracht na het stretchen zoveel mogelijk te ontspannen door de spieren even los te schudden.

Even afkoelen achteraf

Afkoelen na het sporten (de coolingdown) is even belangrijk als de opwarming voordien. Het lichaam moet geleidelijk kunnen terugkeren naar zijn oorspronkelijke rusttoestand en kunnen herstellen van de geleverde inspanning. Te bruusk stoppen kan spierklachten veroorzaken. Vandaar dat ook na het sporten enkele rekoefeningen aan te bevelen zijn, plus nog even uitlopen. Dit is ontspannend voor de spieren en bovendien worden de afvalstoffen die zich in de spieren hebben opgeslagen versneld afgevoerd.

Een goede massage kan eveneens zorgen voor een betere afvoer van afvalstoffen en zal de spierspanning verminderen. Hebt u echter plaatselijk spierpijn aan uw sportprestatie overgehouden die zou kunnen wijzen op een letsel, vermijd dan massage. Het zou de gekwetste spier meer kwaad dan goed kunnen doen. Ook een sauna of een warm bad kan een weldadig effect hebben na een inspanning.

De geschikte kleding

Moet je over een blitse outfit beschikken om te kunnen sporten? Zeker niet. Maar de kleding moet wel aan een aantal basisvoorwaarden voldoen.

  • Wie een inspanning levert, zweet. Een deel van dat zweet verdampt, de rest wordt opgenomen door de kleding. Goede sportkledij is dan ook in staat vocht gemakkelijk op te nemen, maar moet er ook voor zorgen dat het vocht naar buiten kan. Vermijd puur katoen. Dit neemt het zweet op, maar laat het niet door waardoor de kledij nat wordt en dat voelt oncomfortabel aan. Gore-tex is een ideale stof voor sportkledij, maar niet goedkoop. Ook heel po-pulair is lycravezel.
  • Bij warm weer is de kleding het best loszittend en licht van kleur. Bij koud weer draagt u bij voorkeur meerdere lagen: een onderste laag die het zweet absorbeert, een middenlaag die warmte biedt en een bovenlaag die beschermt tegen wind en regen en toch toelaat dat het zweet verdampt. Vergeet bij koud weer geen muts te dragen. 50% van onze lichaamswarmte verdwijnt via het hoofd.
  • Sportkledij moet makkelijk te onderhouden zijn. Na elke sportprestatie moet ze gewassen kunnen worden.
  • Elk onderdeel van de sportkledij moet makkelijk zitten. Te strakke kledij belemmert de doorbloeding en kan spierkrampen en huidirritatie veroorzaken. Let ook op voor naden, labels in kledij of andere oneffenheden die over de huid kunnen schuren en blaren vormen.
  • Kousen moeten zeker goed passen. Tegenwoordig bestaan er kousen die specifiek gemaakt zijn voor bepaalde sporten en op gevoelige plaatsen extra bescherming bieden. Goede sportkousen zijn meestal vervaardigd uit kunstvezels (acryl, coolmax, polartec) ofwel uit wol of katoen gemengd met synthetische vezels.
  • Voor dames is een sportbeha raadzaam. Die heeft geen beugels, haakjes of andere elementen die verwondingen kunnen veroorzaken. Vrouwen met een grote cupmaat dragen het best een beha met twee aparte (naadloze) cups van niet-elastisch materiaal en met een elastische onderband. Vanzelfsprekend geldt ook hier: liefst een ademend materiaal en geen zuiver katoen.


Sportschoenen

Geschikte sportschoenen aantrekken, speelt een belangrijke rol in de preventie van sportletsels. Investeren in een degelijk paar sportschoenen is dan ook geen overbodige luxe. Het kan vooral helpen om enkelverzwikkingen, achillespeesontstekingen, scheenbeenirritatie en knieklachten te voorkomen.

Een sportschoen moet:

  • een aangepaste zool hebben die ervoor zorgt dat de schoen een stevige grip heeft op de ondergrond zonder te stroef te zijn. Is het zoolprofiel niet aangepast, dan glijdt u makkelijker weg of blokkeert uw voet, waarbij spierverrekkingen of spierscheuren kunnen optreden.
  • een ingebouwde schokdemper hebben die zoveel mogelijk van de schokken opvangt om de gewrichten te ontlasten. Zo voorkomt u enkel-, knie-, heup- en rugproblemen.
  • een goede pasvorm hebben zodat hij de voet volledig omsluit zonder te knellen maar ook zonder overtollige ruimte. Koop dus geen sportschoenen in een bevlieging. Neem rustig de tijd om te passen en te vergelijken. Ga eventueel naar een gespecialiseerde zaak waar men ook sportschoenen heeft voor mensen met afwijkende voeten (platvoeten, holvoeten,...).
  • tegelijk het transpiratievocht naar buiten laten en het vocht van buitenaf tegenhouden.

Vergeet ook niet dat een sportschoen geen eeuwig leven heeft. Met versleten schoenen verder sporten, vergroot de kans op blessures. Koop nieuwe sportschoenen bij voorkeur op het einde van de dag. Dan zijn uw voeten groter. Draag bij het passen dezelfde sokken als tijdens het sporten. En pas steeds beide schoenen want weinig mensen beschikken over twee compleet identieke voeten.

Bescherming waar nodig

Vaak is het misplaatste ijdelheid die de sporters ervan weerhoudt de nodige beschermkledij te dragen. Plus het feit dat voor heel wat sporten geen normen of voorschriften inzake beschermingsmateriaal voorhanden zijn. Toch kan een degelijke bescherming van goudwaarde zijn.

  • Elke fietser moet een degelijke fietshelm dragen, met een harde buitenlaag en een zachte binnenkant. Het is belangrijk dat de helm goed kan vastgemaakt worden en perfect past. Dit betekent dat hij niet knelt, en toch stevig op het hoofd blijft zitten wanneer u enkele malen met uw hoofd knikt zonder dat de sluitingen dicht zijn. Stapt u echt op de fiets, dan doet u de sluitingen vanzelfsprekend wél dicht!
  • Wie buiten sport, beschermt de ogen tegen de zon. Een sportzonnebril met onbreekbare glazen (uit policarbonaat) voorkomt dat de bril bij een val voor letsels zorgt.
  • Wie aan wielrennen of Nordic walking doet, beschermt de handen tegen blaren door middel van geschikte handschoenen.
  • Wie buiten sport, zorgt dat hij gezien wordt. Reflecterende kledij is een absolute noodzaak voor fietsers, wandelaars, joggers,... zeker bij mist of duisternis.


ICE-regel

De algemeen aanvaarde standaardaanpak voor de eerste zorgen bij een acuut sportletsel (verstuiking, kneuzing, spier- of peesscheuren, verrekking) kan in één letterwoord worden samengevat: ICE.

Het volledige letterwoord Ice is het Engelse woord voor ijs en laat aan duidelijkheid niets te gissen over: de eerste aanpak bestaat er altijd in de getroffen plek intensief te koelen. Intensief betekent gedurende 10 tot 15 minuten met behulp van koud water, een zak met ijsblokjes of een Cold Pack. Leg wel steeds een doekje tussen de huid en het ijs om bevriezing te voorkomen. Het afkoelen helpt tegen pijn, zwelling en bloeduitstorting.

Elk van de letters van ICE staat voor de volgende handelingen.

  • De I staat voor immobilisatie. Het geblesseerde lichaamsdeel mag niet meer belast worden en moet zoveel mogelijk onbeweeglijk gehouden worden.
  • De C staat voor compressie. Leg een drukverband aan met de bedoeling de gewrichten te ondersteunen en te immobiliseren en de zwelling te beperken. Gebruik hiervoor bij voorkeur een elastische zwachtel. Controleer regelmatig of het verband niet te strak zit.
  • De E staat voor elevatie (verhoging). Leg iets onder het getroffen lidmaat zodat het hoger ligt dan horizontaal, liefst boven harthoogte.

Voldoende drinken

Voldoende drinken tijdens een inspanning is absoluut noodzakelijk. Een vermindering van het totale lichaamsvocht door transpiratie met 1% -en daarvoor moet u nauwelijks een inspanning doen- geeft algauw een daling van de inspanningscapaciteit van 10%. Zeker op een zonnige zomerdag moet terdege rekening gehouden worden met de hitte. Het lichaam moet dan immers extra moeite doen om zijn warmte kwijt te geraken en doet dat enerzijds door meer te zweten en anderzijds door de bloedvaatjes in de huid wijdopen te zetten. Dit betekent concreet dat het bloed zich herverdeelt en er meer bloed door de huid en minder door de spieren vloeit.

Bij droog en zonnig weer, gecombineerd met een lage luchtvochtigheid merkt u nauwelijks dat u zweet. En dat is verraderlijk. U kunt onder die omstandigheden makkelijk tot 2 liter vocht per uur verliezen en dat moet gecompenseerd worden, zoniet treden uitdrogingsverschijnselen op: hoofdpijn, duizeligheid, krampen verwardheid, krachtverlies,...

Regelmatige drinkpauzes zijn noodzakelijk, zelfs wanneer u geen dorst hebt. Dorst treedt namelijk pas op als u al te veel vocht verloren hebt. Alleen bij extreme duursporten zoals een marathon in grote hitte kan te veel drinken gevaarlijk zijn omdat de balans tussen vocht en zout in het lichaam erdoor verstoord kan worden. Een krantenkop zoals "Marathonloper drinkt zich dood" hoeft dus geen leugen te zijn. Maar voor een amateursporter is dit risico uiterst klein.

29-09-07

Revalidatie na Enkelverstuiking

enkelverstuikingHet meest voorkomende sportletsel is de enkelverzwikking: maar liefst 15% van de sportletsels is er één. Wanneer een gewricht omzwikt, dan kunnen de banden rondom het gewricht uitrekken of zelfs scheuren. Dit noemt men een verstuiking of verzwikking. 

 

 


De enkelverstuiking wordt ingedeeld in drie graden (oplopend naar ernst).
Graad 1:
Lichte oprekking en een geringe scheuring van hooguit 1 gewrichtsband. Zonodig is deskundige hulp gewenst.
Graad 2:
Twee banden en gewrichtskapsel zijn zodanig ingescheurd dat er teveel speling in het enkelgewricht ontstaat. Deskundige hulp is gewenst.
Graad 3:
De schade is hierbij zo groot dat het enkelgewricht volledig instabiel is. Dan zijn alle drie banden afgescheurd (deskundige hulp is noodzakelijk)
 
Een verzwikking gaat (vaak) gepaard met:

  • zwelling
  • (blauwe) verkleuring
  • pijn
  • belemmering bij het strekken en/of buigen van het enkelgewricht

EHBO: Wat moet je doen?

Pas de ICE-regel toe:
ICE = koel met water, ijs of cold-pack gedurende 15 tot 20 minuten (leg altijd een doek tussen huid en ijs of cold-pack).
I = Immobiliseren; zorg dat het lichaamsdeel niet beweegt of gebruikt wordt om op te steunen.
C = Compressie; leg een drukverband aan.
E = Elevatie; houd het lichaamsdeel boven harthoogte.
 
Herhaal het koelen de eerste 48 uur enkele malen per dag.
Raadpleeg een arts bij aanhoudende pijn, (twijfel over) een botbreuk en/of ernstig bandletsel.
 
Laat bij een kneuzing of verstuiking een ondersteunende tape aanleggen door een opgeleide kinesitherapeut.

Revalidatie

Om zo goed en snel mogelijk te herstellen van een enkelverstuiking volgen hieronder enkele aandachtspunten. Het tempo waarop je de revalidatie doorloopt, is afhankelijk van de ernst van de blessure. Pijn of een hernieuwde zwelling zijn signalen om in de revalidatie een stapje terug te doen.

0-2 dagen
* Voor de eerste twee dagen geldt altijd ICE.
* Koel de eerste week iedere keer na het oefenen.
2-4 dagen
* Voorzie de enkel van een achterspalk, tape of brace.
* Belast de enkel niet; het lopen met krukken voorkomt dat het volledige lichaamsgewicht op de enkel terechtkomt.
* Oefen lichtjes zittend met afhangend onderbeen het buigen en strekken van de enkel.
4-7 dagen
* Steun - zoveel als de pijn toelaat - met behulp van kruk(ken) op het geblesseerde been.
7-14 dagen
* Gebruik geen krukken meer.
* Fiets of zwem dagelijks 5 - 30 minuten om de conditie op peil te houden.
* Doe oefeningen om de lenigheid van de kuitspieren te bevorderen.

15-21 dagen
* Doe looptraining op een vlakke, niet gladde ondergrond.
* Tape de enkel in (of draag een brace).
* Doe oefeningen om de voet- en enkelspieren te versterken.
* Blijf oefeningen doen om de lenigheid van de kuitspieren te bevorderen.
vanaf dag 21
* Voer looptraining uit op oneffen terrein.
* Breid de training uit met sprints-, loop-, stop- en schaatssprongen. Wanneer deze oefeningen geen problemen meer geven, kun je met de reguliere training meedoen.
vanaf dag 28
* Pas bij voldoende fitheid en coördinatievermogen kun je weer volledig deelnemen aan wedstrijden.

Preventieve maatregelen (herhaling voorkomen)

  • Goed steunend schoeisel verkleint de kans op enkelletsel.
  • Versterking van de spierkracht en coördinatie van de voet- en enkelspieren.
  • Het tapen van gewrichten of een brace kan blessures voorkomen. Bij tapen worden er zodanig stroken tape aangelegd dat de gewrichtsbanden extra steun krijgen. Een brace heeft hetzelfde effect als een goed aangelegd tapeverband.
  • Zorg voor een onbeperkte bewegingsuitslag van de enkel om de voet bij hardlopen en springen weer goed te kunnen afwikkelen.
  • Volledig herstel is de beste methode om herhaling te voorkomen. Revalidatie- en aangepaste trainingen bevorderen het herstel.

25-09-07

Patiënt weet te weinig over risico's operatie

Patiëntenfolders kunnen beter, zo concludeert Test Gezondheid uit een rondvraag bij 27 algemene ziekenhuizen, of een vierde van het totaal in Vlaanderen. Om te beginnen hebben ze niet allemaal informatie op papier: voor courante ingrepen als het plaatsen van een heupprothese blijken 15 ziekenhuizen over een infobrochure te beschikken en over de verwijdering van spataders kunnen 8 van de 27 ziekenhuizen informatie op papier meegeven.
Als folders wel beschikbaar zijn, blijken ze vaak onvoldoende informatie te bevatten om een 'geïnformeerde toestemming' te kunnen geven, zoals de kaderwet op de patiëntenrechten van 2002 nochtans aanbeveelt.

Er wordt volgens Test Gezondheid te weinig informatie gegeven over de mogelijk alternatieve behandelingen, de nevenwerkingen, de kansen op succes, de levensduur van een prothese of het risico op een slechte afloop of herval.

Het Universitair Ziekenhuis Brussel en zijn tegenhanger uit Gent betreuren dat bij deze enquête geen rekening is gehouden met de 'mondelinge overdracht', of het gesprek tussen de arts en de patiënt. Precies daarom deden deze ziekenhuizen niet mee aan deze enquête.

'De wet op de patiëntenrechten, nu vijf jaar oud, schrijft voor dat de patiënt tijdig en voldoende geïnformeerd moet zijn over alle mogelijke aspecten en gevolgen van een behandeling of ingreep', zegt Ivo Mechels, de woordvoerder van Test-Aankoop. 'In principe kan dat mondeling, maar de informatie moet schriftelijk wanneer de patiënt erom vraagt.'

'Er is ook een psychologische reden, want mensen die voor een ingreep staan, zijn altijd een beetje van de kaart. Ik heb het deze zomer zelf meegemaakt. Je zit daar als leek in een dokterskabinet, en je bent niet vertrouwd met al die termen. Je pikt niet alle informatie op die artsen je mondeling toestoppen. Het is gewoon handiger als je dat thuis nog eens kan nalezen.'

Test-Gezondheid stelt voor dat ziekenhuizen gaan samenwerken om gezamenlijk goede infofolders per ingreep te maken. Elk ziekenhuis zou ook een centrale verantwoordelijke moeten hebben die belast is met het opvolgen en coördineren van de patiënteninformatie.

Het Vlaams Patiëntenplatform is het zeker ook met die laatste stelling eens. Coördinator Ilse Weegmans: 'Een folder kan nuttig zijn, maar informatieverstrekking is zoveel meer. Het is iets wat gedurende de hele behandeling op peil moet worden gehouden.'

Test-Aankoop opent tijdelijk, tot en met 5 oktober, een telefonische permanentie voor al wie problemen ervaart met informatieverstrekking in het ziekenhuis: 02-542.33.94

18-09-07

Overzicht verschillende soorten Bursitis

Inleiding 

Een bursa is een met vocht gevuld zakje dat als een soort kussentje functioneert en de wrijving voor het lichaam op bepaalde gevoelige plaatsen gaat verminderen zodat er minder frictie ontstaat.

De grootste bursa's liggen op of rond de pezen van de grote gewrichten zoals de elleboog, de heup en de knie. Wanneer deze bursa ontstoken raakt dan spreken we van een "bursitis".

De bursitis is meestal een tijdelijke aandoening, het kan wat pijn geven en wat vermindering van de beweging maar geeft bij een adequate behandeling weinig grote moeilijkheden.

Oorzaken

De meest frequente oorzaak van een bursitis zijn een overbelasting en een kwetsuur, in het geval er echter ook een bijkomende infectie optreedt, is er ook een associatie mogelijk met diabetes (suikerziekte), artrose, en schildklier-afwijkingen.

Symptomen

Alhoewel voor iedereen verschillend zijn de volgende symptomen het meest frequent bij een bursitis:

  • Bursitis kan pijn veroorzaken, een locale zwelling en een verminderde beweeglijkheid. Indien het een opervlakkige slijmbeurs betreft kan er ook een roodheid gezien worden.

  • Een chronische bursitis kan herhaalde aanvallen van pijn, zwelling en locale overgevoeligheid uitlokken, op langere termijn kan dit een aantasting van de spieren geven met een verminderde functie en beweeglijkheid als gevolg.

  • De symptomen van een bursitis kunnen echter ook lijken op symptomen van andere aandoeningen, contacteer dan ook altijd een arts.

Risicofactoren

Bursitis komt meer voor bij mensen met een minder goede algemene toestand en bij mensen die een slechte houding aannemen bij het werk of hobby en zo een overbelasting teweeg brengen.

Soorten Bursitis

Alhoewel de bursitis op zeer veel verschillende plaatsen kan ontstaan zijn dit de meest frequent aangetaste regio's:

  • Achillespeesbursitis

Door het dragen van slecht aanpassende schoenen die teveel druk geven achteraan op de hiel kan er teveel frictie ontstaan en kan op die manier een bursitis van één van beide bursa's in deze zone ontstaan.

  • Heupbursitis

Ook genaamd de bursa trochanterica. Deze aandoening is meest frequent bij vrouwen op middelbare leeftijd en wordt veroorzaakt door een ongeval, overbelasting, na een locale ingreep of bij artrose laag in de rug.

  • Elleboogbursitis

Elleboog bursitis is veroorzaakt door een ontsteking van de bursa achteraan op het ellebooggewricht, ze bevindt zich tussen de huid en het bot van de elleboog. Ze wordt veelal veroorzaakt door een val of door een te langdurig druk op de elleboog (leunen op een hard oppervlak).

  • Kniebursitis

Deze bursitis aan de zijkant van de knie wordt ook de "ganzevoet bursitis" genoemd omdat ze gelegen is tussen de huid en de aanhechting van de drie sterke hamstring pezen op het onderbeen (de ganzevoet pezen).
Ze wordt veroorzaakt door overgewicht, te sterk aangespannen hamstringspieren, te weinig stretchen voor het sporten, artrose of een verkeerde belasting van de knie (nieuwe sportschoenen?)

  • Knieschijfbursitis of patersknie

Deze wordt ook de prepatellaire bursitis genoemd en is zeer frequent bij mensen die veel op de knieën zitten (parketleggers, loodgieters, ...)